Naar inhoud
Registratie e-mailadres

De Raad van de EU onderhandelt over wetten en neemt die aan. Daarnaast neemt de Raad ook documenten aan die geen rechtsgevolgen hebben, zoals conclusies, resoluties en verklaringen. Via deze documenten maakt de Raad zijn politiek standpunt kenbaar over een onderwerp dat tot de werkterreinen van de EU behoort. Deze documenten dienen enkel om politieke toezeggingen of standpunten te verwoorden – zij worden niet in de Verdragen genoemd. Zij zijn bijgevolg niet juridisch bindend.

Andere EU-instellingen maken hun standpunten op vergelijkbare wijze kenbaar. Zo publiceert de Commissie groenboeken om het debat over thema's op EU-niveau te stimuleren. Een groenboek vormt een uitnodiging aan de betrokken organisaties of personen om Commissievoorstellen te bespreken, die later wetgevingsbesluiten kunnen worden. Het Parlement kan ook resoluties en aanbevelingen opstellen over aangelegenheden waarvoor de EU bevoegd is.

Conclusies en resoluties 

Conclusies van de Raad worden aangenomen na een debat in een zitting van de Raad. Zij kunnen een politiek standpunt over een bepaald onderwerp bevatten. Het is belangrijk een onderscheid te maken tussen conclusies van de Raad en conclusies van het voorzitterschap. Raadsconclusies zijn afkomstig van de Raad, terwijl conclusies van het voorzitterschap alleen het standpunt van het voorzitterschap weergeven, zonder verplichting voor de Raad.

Resoluties van de Raad bepalen doorgaans de toekomstige werkzaamheden voor een specifiek beleidsterrein. Raadsresoluties hebben geen rechtsgevolgen. Wel kan via deze weg de Commissie worden verzocht een voorstel te doen of verdere stappen te zetten. Een resolutie die betrekking heeft op een gebied dat niet ten volle tot de bevoegdheden van de EU behoort, krijgt de vorm van een "resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten" .

Soorten conclusies en resoluties van de Raad 

Conclusies en resoluties dienen verschillende doeleinden, zoals :

  • een lidstaat of een andere EU-instelling verzoeken maatregelen te nemen ten aanzien van een specifieke kwestie – dit zijn vaak conclusies betreffende gebieden waar de EU een ondersteunende, coördinerende en aanvullende bevoegdheid heeft, zoals gezondheidszorg of cultuur

  • de Commissie vragen met een voorstel te komen over een bepaald onderwerp – dit is vastgelegd in artikel 241 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)

  • het optreden van de lidstaten coördineren – deze conclusies worden gebruikt wanneer de Raad een beleidsdoelstelling via "zachte" coördinatie doorvoert; in deze gevallen dienen de conclusies of resoluties tot het formuleren van doelstellingen of het beoordelen van vorderingen

  • binnen het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB) van de EU het EU-standpunt bepalen met betrekking tot een bepaalde gebeurtenis of een bepaald land – de conclusies en resoluties bevatten een politiek standpunt of een evaluatie van een internationale gebeurtenis namens de EU

  • een gecoördineerd standpunt bepalen tussen de EU en haar lidstaten in internationale organisaties – zo kan de Raad conclusies opstellen met het oog op de deelname van de EU aan internationale fora

  • reageren op en een oplossing voorstellen voor problemen die in een speciaal verslag van de Rekenkamer zijn aangekaart 

Hoe komen conclusies tot stand? 

Coreper

Het Coreper bereidt het werk van alle Raadsformaties voor en bestaat uit 2 delen: Coreper I en Coreper II.

Conclusies worden op 3 niveaus in de Raad besproken alvorens ze worden aangenomen:

  • werkgroep
  • Comité van permanente vertegenwoordigers (Coreper)
  • Raadsformatie
  1. Vooraleer ontwerpconclusies worden opgesteld, komt het voorzitterschap soms met een discussienota, als leidraad voor de behandeling op werkgroepniveau. 
  2. Op basis van die besprekingen stelt het voorzitterschap, gewoonlijk bijgestaan door het secretariaat-generaal van de Raad (SGR), dan ontwerpconclusies op. De politieke verantwoordelijkheid voor de ontwerpversie ligt bij het voorzitterschap.
  3. De werkgroep komt een aantal keren bijeen om het document te bespreken, met een laatste bespreking ongeveer 7 tot 14 dagen vóór de conclusies naar het Coreper gaan voor verdere behandeling.
  4. Het Coreper bespreekt het document ongeveer 2 weken vóór de Raadszitting, en tracht eventuele resterende problemen op te lossen.
  5. Vervolgens neemt de betrokken Raadsformatie de tekst aan. Conclusies van de Raad moeten door alle lidstaten bij consensus worden aangenomen. Zijn de ministers het niet eens over de tekst, dan kunnen nog wijzigingen worden aangebracht.
  6. Uitzonderlijk raakt de Raad het niet eens over de conclusies. In dat geval wordt de tekst soms aangenomen als "conclusies van het voorzitterschap", waarvoor geen instemming van de lidstaten nodig is.